34. Bewonderenswaardig

Een buurvrouw vertelde vandaag over een vriendin van haar die op sterven ligt. Deze stervende vrouw had haar gezegd dat dit de mooiste tijd van haar leven is. Ze heeft geen pijn (door de pijnstillers), en ze krijgt ontzettend veel liefde en aandacht van de mensen om haar heen. En ze kijkt terug op een heel mooi leven.

Bewonderenswaardig dat je zo met deze situatie om kan gaan.

Hier moest ik weer even aan denken, toen ik het volgende las in ‘De Fontein’; wat bij jouw lot hoort, kun je altijd aan, omdat jij de eigenaar bent van jouw houding in die situatie. Dit betekent dat jij je innerlijke houding zelf reguleert.

Je moet het maar kunnen in zo’n situatie. Ik hoop dat ik ook die berusting kan vinden tegen die tijd dat het mijn lot is om te gaan. En hopelijk duurt dat nog heel lang.

33. Primaire emoties zorgen voor heling

In het boek ‘De Fontein’ wordt het verschil tussen primaire emoties en secundaire emoties beschreven. Primaire emoties zijn direct verbonden aan de reden waarom je deze emoties hebt, zoals een gebeurtenis of een trauma. Ze zijn kort en hevig en je als de emoties geuit hebt, voel je je daarna beter en is er ruimte ontstaan. Deze emoties hebben een helende werking. En door primaire emoties van anderen kan je geraakt worden en leef je mee. Je hebt hierna niet het gevoel te zijn leeggezogen.

Als je niet naar je primaire emoties toe wil omdat je bang bent dat het teveel pijn doet, kan je ervoor zorgen dat je niet meer voelt of je dekt de primaire emoties af met secundaire emoties. Je bent bijvoorbeeld heel verdrietig, maar je uit boosheid. De secundaire emoties zijn langdurig en geven misschien tijdelijk wat verlichting, maar helen je niet. Vaak zijn het wat klagerige emoties en beledigend van aard. Iemand neemt meer een slachtofferrol aan. Ze nodigen andere mensen uit om te helpen, met name mensen die van nature er graag voor anderen zijn, maar iemand is niet te helpen als hij in de secundaire emotie blijft hangen. En als je toch probeert om zo iemand te helpen, voel je je daarna zelf leeg.

De dag nadat ik gelezen had over het verschil tussen primaire en secundaire emoties, zag ik een cliënte. En tijdens de hypnose deed ik een familieopstelling waarbij ze een overleden familielid terugzag. Er kwam op dat moment verdriet. Maar dat verdriet was mooi en voelde heel fijn. Dit was duidelijk een primaire emotie, waarbij het zowel voor haar als voor mij heel helend voelde. 

Emoties kan je heel lang wegduwen, maar uiteindelijk komt er een moment dat ze toch op een onverwachts moment naar boven komen. Je kan je dan erg kwetsbaar voelen, maar het is alleen maar heel mooi dat dit gebeurt, zodat er iets kan worden geheeld.

Zo had ik een keer intervisie en was ik met de docente iemand uit de groep aan het voorbespreken, omdat ik diegene als therapeut zou gaan zien. De docente gaf aan dat ze voelde dat ze eerst iets anders moest gaan doen, namelijk ons muziek laten luisteren. Dus gingen we eerst met onze ogen dicht zitten en luisteren naar het muziekstuk. Het was ‘Ave Maria’ dat bij ons in de familie vaak op begrafenissen wordt gedraaid. Ik dacht nog, ‘oh leuk, Maria-muziek’. En in één keer kwam het vanuit mijn tenen. Ik moest zo hard huilen dat mijn hele lichaam meedeed. Ik voelde zoveel verdriet om mijn moeder die toen ongeveer 2-3 jaar was overleden. En nadat de muziek was afgelopen voelde ik me zo raar, een soort van misselijkheid en het gevoel dat mijn hele systeem van zijn padje af was. De docente zag het en begeleidde me naar een kamertje om mij weer tot rust te krijgen. Vervolgens ben ik daar in slaap gevallen en heb ik de rest van de intervisie gemist. Terwijl ik dacht dat ik al heel ver in mijn verwerking was. Maar daar zat nog een partijtje weggestopt verdriet. Heerlijk dat dat eruit kwam.

Om te helen is het dus de kunst om bij je primaire emoties te komen. En jammer genoeg zijn we veel te vaak bang voor deze emoties, maar als je deze kan uiten, kan het daarna als een bevrijding voelen.

 

32. Alles is energie

Waarom het zo belangrijk is wat je denkt?

Omdat alles energie is, zo blijkt uit de beroemde vergelijking van Albert Einstein, zoals Deepak Chopra in zijn boek ‘Synchroniciteit’ beschrijft. Want deze vergelijking zegt dat E=mc², waarbij ‘E’ energie is, ‘m’ is massa en ‘c’ is lichtsnelheid. Dus staat energie gelijk aan massa. We weten dat elk object is opgebouwd uit moleculen, die weer zijn opgebouwd uit atomen, en die atomen bestaan weer uit bewegende deeltjes. Maar wij kunnen de trillingen van deze bewegende deeltjes niet waarnemen en daarom zien we bijvoorbeeld een tafel als een vast object. Dus een vast object is informatie verpakt in energie die trilt in verschillende frequenties. En eigenlijk kan je zeggen dat alles energie is, want alles bestaat uit bewegende deeltjes. We leven in één grote energiesoep met verschillende energievelden, alleen nemen we niet alles waar. Een vast object nemen we waar, omdat hierbij de deeltjes zo dicht op elkaar zitten dat we het als een tafel zien. Maar overal om je heen is energie. En ook ons lichaam is energie die zichtbaar is. Maar om je lichaam heen is ook energie, en sommige mensen kunnen die waarnemen. En als je wil, kan iedereen het zien, als je hier goed op traint. Je moet je ogen trainen om op een bepaalde manier te kijken. Het is mij gelukt om wit licht om iemand heen te zien en een keer zelfs hele lichte kleuren, maar dan moet ik er echt voor gaan zitten.

Jouw energieveld komt gedurende een dag meerdere malen in aanraking met een ander energieveld en je kan zo dit veld beïnvloeden en andersom. En soms neem je dit ook waar of voel je dit, bijvoorbeeld als je een ruimte binnenkomt en je voelt of er een gezellige sfeer hangt of dat er een spanning hangt. Dan vloeit de energie van de omgeving samen met jouw energie. Dit neem je onbewust waar, maar je kan je er zelf ook bewust van maken. En zo doen andere mensen en omgevingen dus iets met jouw energie. En daarom is het belangrijk om hiernaar te luisteren, zodat je jouw eigen energie goed kan houden. Ga vooral om met mensen die een fijne energie hebben en ga naar plekken waar je je fijn voelt. Vaak als je een winkel binnenstapt, voel je of het prettig is of dat je eigenlijk wil omdraaien en weg wilt gaan. Want doordat je energie vervloeit met andermans energie of de energie van een omgeving, verlies je een deel van jouw energie en krijg je een deel van die ander of van de omgeving ervoor terug. Dus als je teveel met negatieve energieën in aanraking komt, loop je dus eigenlijk leeg.

En zo zijn je gedachten en ideeën ook energie en informatie. En daarom is het zo belangrijk wat je denkt. Probeer vooral aan positieve dingen te denken. Denk in wat je wil. En denk vooral niet in wat je niet wil, want dan zet je hier je energie op. En dit is echt niet makkelijk, maar stap één is dat je je realiseert dat alles energie is en dat jij daar invloed op hebt, maar die energieën ook invloed hebben op jou.

Bron: ‘Synchroniciteit’ van Deepak Chopra

30. Schaamte

‘Schaamte’ is een onderwerp waar Brené Brown veel onderzoek naar heeft gedaan. Ik haal in dit blog wat punten aan die zij beschrijft in haar boek ‘Gelukkig ben ik niet de enige’.

Door haar onderzoek is zij erachter gekomen dat iedereen schaamte ervaart, maar omdat het zo’n krachtige emotie is, praten we er niet graag over want dat roept al schaamte op. We worstelen er tot op zekere hoogte allemaal mee om ons prettig te voelen met wie we zijn in een maatschappij die veel belang hecht aan perfect zijn en erbij horen. En wie kent niet de pijnlijke golf van emotie die over je heen spoelt als je het gevoel hebt dat je wordt beoordeeld of belachelijk wordt gemaakt vanwege je uiterlijk, je werk, je opvoeding, je uitgavenpatroon, je familie of zelfs levenservaringen waar je geen controle over had? Het zijn echter niet altijd anderen die ons kleineren of veroordelen. De pijnlijkste schaamte-ervaringen doen we onszelf vaak aan. We investeren er zoveel tijd en energie in om  aan ieders verwachtingen te voldoen en rekening te houden met wat anderen van ons denken, dat dat gevoelens van boosheid, wrok en angst oproept. Soms zijn die emoties tegen onszelf gericht en overtuigen we onszelf ervan dat we slecht zijn en misschien de gevreesde afwijzing wel verdienen. En soms halen we uit naar anderen. Wat we ook doen, het uiteindelijke resultaat is dat we ons uitgeput, overweldigd en alleen voelen. Schaamte dwingt ons om zo veel waarde te hechten aan wat anderen denken, dat we onszelf verliezen in onze pogingen aan hun verwachtingen te voldoen.

Het lastige van schaamte is dat we er niet graag over kunnen of willen praten. Schaamte is een emotie. En dit voelen we als we bepaalde ervaringen hebben. Als we ons schamen zien we het grotere plaatje niet; dan kunnen we niet meer goed nadenken over onze sterke punten en over onze beperkingen. Dan voelen we ons alleen, naakt en heel erg onvolmaakt.

Schaamte is de stem van het perfectionisme. Als het gaat om uiterlijk, werk, moederschap, gezondheid of familie is het niet de zoektocht naar perfectie zelf die pijnlijk is, maar het feit dat je niet voldoet aan onbereikbare verwachtingen. Op bepaalde momenten en in bepaalde situaties worstelen we er allemaal mee niet goed genoeg te zijn, niet genoeg te hebben en er niet voldoende bij te horen. Brené Brown heeft ontdekt dat de effectiefste manier om over die gevoelens van ontoereikendheid heen te komen is om die ervaringen te delen. Maar in deze cultuur vereist het moed om onze verhalen te vertellen.

We werden niet geboren met een verlangen naar een perfect lichaam. We werden niet geboren met angst om onze verhalen te delen. Schaamte komt van buiten ons: door de boodschappen en verwachtingen van onze cultuur. Wat uit ons binnenste komt is de meer dan menselijke behoefte om erbij te horen, om contact te hebben.

Maar gelukkig denkt Brené Brown dat we allemaal veerkracht tegen schaamte kunnen ontwikkelen. Allemaal kunnen we de pijn die is veroorzaakt door schaamte omzetten in moed, compassie en verbondenheid. En we kunnen allemaal anderen helpen om hetzelfde te doen.

En nu ik wat zinnen uit het boek van Brené Brown aan elkaar gekoppeld heb en dit lees, is het naar mijn mening het belangrijkste om als eerste weer de verbinding met jezelf te hebben. Dat je jezelf goed vindt zoals je bent, ongeacht wat iemand anders ervan vindt (zie blog 17: Anderen vinden toch wel iets van je). En te accepteren dat anderen dus toch wel iets van je vinden, want anderen hebben ook hun pijntjes en onzekerheden. En zou dat nou niet heel fijn zijn, dat je er lak aan hebt wat iemand van je vindt. De ene dag gaat dat duidelijk makkelijker dan de andere dag. Maar oefening baart kunst.

Bron: ‘Gelukkig ben ik niet de enige’ van Brené Brown

29. Vragenlijst hooggevoeligheid bij kinderen

Esther Bergsma heeft de test van Elaine Aron om te onderzoeken of een kind hoogsensitief is in haar boek ‘Hoogsensitieve kinderen’ geplaatst. Hieronder zet ik deze vragenlijst neer. Deze vragenlijst is een vertaling van de originele vragenlijst voor hoogsensitieve personen.

‘Beantwoord de volgende vragen met ja of nee. Ja, als het tenminste enigszins voor je kind opgaat, of gedurende een aanzienlijke periode in het verleden. Nee, als het niet speciaal of helemaal niet voor je kind opgaat.’

  1. Schrikt snel (ja/nee)
  2. Heeft last van kleren die kriebelen, naden in sokken of kledingmerkjes tegen zijn/haar huid (ja/nee)
  3. Houdt over het algemeen niet van grote verrassingen (ja/nee)
  4. Leert meer van een vriendelijke terechtwijzing dan van een strenge straf (ja/nee)
  5. Lijkt mijn gedachten te kunnen lezen (ja/nee)
  6. Gebruikt moeilijke woorden voor zijn/haar leeftijd (ja/nee)
  7. Ruikt elk vreemd geurtje (ja/nee)
  8. Heeft een scherpzinnig gevoel voor humor (ja/nee)
  9. Lijkt zeer intuïtief (ja/nee)
  10. Is moeilijk in slaap te krijgen na een opwindende dag (ja/nee)
  11. Heeft moeite met grote veranderingen (ja/nee)
  12. Wil zich verkleden als zijn/haar kleren nat of zanderig zijn geworden (ja/nee)
  13. Stelt veel vragen (ja/nee)
  14. Is een perfectionist (ja/nee)
  15. Heeft oog voor het verdriet van anderen (ja/nee)
  16. Houdt meer van rustige spelletjes (ja/nee)
  17. Stelt diepzinnige, beschouwende vragen (ja/nee)
  18. Is zeer gevoelig voor pijn (ja/nee)
  19. Kan slecht tegen een luidruchtige omgeving (ja/nee)
  20. Heeft oog voor detail (iets dat van plaats is veranderd, een verandering in iemands uiterlijk e.d.) (ja/nee)
  21. Kijkt eerst of het veilig is alvorens ergens in te klimmen (ja/nee)
  22. Presteert het beste wanneer er geen vreemden bij zijn (ja/nee)
  23. Beleeft de dingen intensief (ja/nee)

‘Als je 13 of meer vragen met ‘ja’ hebt beantwoord, is je kind waarschijnlijk hoogsensitief. Elaine Aron geeft echter aan dat als er slechts 2 vragen met ‘ja’ beantwoord zijn, maar die zijn in extreme waar, er ook sprake kan zijn van hoogsensitiviteit.’

Bron: boek ‘Hoogsensitieve kinderen’ van Esther Bergsma

28. Vragenlijst hooggevoeligheid bij volwassenen

Dit is de test die in het boek ‘Hoog sensitieve personen’ van Elaine Aron, de grondlegger van onderzoek naar hoogsensitiviteit, staat. Deze vragenlijst heeft zijn beperkingen en verschillende onderzoekers proberen een betere lijst samen te stellen, maar voorlopig is dit de beste manier om een idee te krijgen of je hoogsensitief bent.

‘Beantwoord iedere vraag al naar gelang je gevoel je ingeeft. Antwoord met ‘ja’ als het in ieder geval enigszins voor jou opgaat. Antwoord met ‘nee’ als het niet speciaal of helemaal niet voor jou geldt.’

  1. Ik ben me bewust van subtiele signalen in mijn omgeving (ja/nee)
  2. Ik word beïnvloed door de stemmingen van anderen (ja/nee)
  3. Ik ben nogal gevoelig voor pijn (ja/nee)
  4. Tijdens drukke dagen merk ik dat ik behoefte heb om me terug te trekken in mijn bed of een donkere kamer of een andere plek waar ik ongestoord alleen kan zijn (ja/nee)
  5. Ik ben bijzonder gevoelig voor de effecten van cafeïne (ja/nee)
  6. Ik raak gemakkelijk overvoerd door dingen als fel licht, sterke geuren, grove weefsels of harde sirenes (ja/nee)
  7. Ik heb een rijke en complexe innerlijke belevingswereld (ja/nee)
  8. Ik voel me niet op mijn gemak bij harde geluiden (ja/nee)
  9. Ik kan diep geroerd raken door kunst of muziek (ja/nee)
  10. Ik ben consciëntieus (ja/nee)
  11. Ik schrik gemakkelijk (ja/nee)
  12. Ik voel me opgejaagd als ik veel moet doen in korte tijd (ja/nee)
  13. Als mensen zich in een fysieke omgeving niet prettig voelen weet ik meestal wat er moet gebeuren om dat te veranderen (door bijvoorbeeld het licht te dimmen of het meubilair te verplaatsen) (ja/nee)
  14. Ik raak geïrriteerd als mensen proberen me te veel dingen tegelijk te laten doen (ja/nee)
  15. Ik doe erg mijn best te voorkomen dat ik fouten maak of dingen vergeet (ja/nee)
  16. Ik kijk uit principe niet naar gewelddadige films of tv-shows (ja/nee)
  17. Ik voel me ongemakkelijk als er veel om me heen gebeurd (ja/nee)
  18. Als ik erge honger heb, heeft dat een sterke invloed op mijn concentratievermogen of mijn humeur. (ja/nee)
  19. Veranderingen in mijn leven brengen me van mijn stuk (ja/nee)
  20. Ik heb een neus voor delicate geuren, smaken, geluiden en kunstwerken en geniet daarvan (ja/nee)
  21. Het vermijden van situaties die mij van streek maken of overbelasten heeft bij mij een hoge prioriteit (ja/nee)
  22. Als ik met iemand moet wedijveren of op mijn vingers word gekeken, word ik zo nerveus of gespannen dat mijn prestaties veel minder zijn dan gewoonlijk (ja/nee)
  23. Als kind werd ik door mijn ouders of leraren gevoelig of verlegen gevonden (ja/nee)

 

‘Als je 14 of meer vragen met ‘ja’ hebt beantwoord, ben je waarschijnlijk hoogsensitief. Maar eerlijk gezegd is er geen enkele psychologische test zo betrouwbaar dat je je leven erop zou moeten baseren. Als je slechts 1 of 2 antwoorden met ‘ja’ hebt beantwoord, maar ze zijn wel uitzonderlijk voor jou, dan sta je wellicht ook in je recht om jezelf hoog sensitief te noemen.’

Bron: boek ‘Hoogsensitieve personen’ van Elaine N. Aron

 

 

 

27. Hoe om te gaan met een temperamentvol kind

Toen mijn eerste kind geboren werd, schreef de kraamhulp op dat mijn kind een ‘temperamentvolle baby’ was. Toen begreep ik niet goed wat ze daar mee bedoelde, want voor mij was zij de standaard. Het was voor mij al snel normaal dat een kind zich in slaap moet huilen. En het boek ‘Rust en regelmaat’ deed het fantastisch bij haar. Ik weet nog dat ze ergens in de eerste 3 maanden huilde, ik de trap opliep en ze stopte. En toen ik niet verder liep, begon ze weer. We hebben haar een keer volgens het boek een half uur laten huilen zonder er naartoe te gaan (met veel pijn en moeite) en vanaf dat moment werd de tijd van inslaap huilen steeds korter.

Hooggevoeligheid is een thema wat mij erg bezig houdt en waar ik ook graag anderen mee help. Zo ben ik nu ook opgeleid als HSK-coach om ouders te begeleiden bij het omgaan met kinderen met hooggevoeligheid. Daarnaast zijn mijn eigen kinderen een hele goede leerschool voor mij. De meeste hooggevoelige kinderen zijn introvert, maar daar herken ik mezelf en mijn kinderen niet helemaal in. 30% van de hoogsensitieve kinderen is extravert. En toen ik in aanraking kwam met het boek van Janneke van Olphen over ‘Het hooggevoelige kind met een sterke wil’, viel er voor mij veel op zijn plek. En zodoende ben ik nu 11 jaar nadat mijn kind als temperamentvol werd beschreven naar een cursus over ‘hooggevoelig en strong-willed kind’ geweest, gegeven door door de schrijfster van het boek, Janneke van Olphen. Want hierin herken ik mijn oudste en geeft het veel antwoorden op vragen.

Zo beschrijft Janneke in haar inleiding dat als een strong willed kind niet luistert er bijvoorbeeld wordt geadviseerd om het kind direct in de time-out te zetten, zonder waarschuwing. Maar als zij dat doet, schopt haar kind zijn tenen blauw tegen de deur. En dat is heel herkenbaar. Een conservatieve opvoeding waarbij ik de baas ben en zij maar heeft te luisteren, werkt niet. Sterker nog, dit werkt averechts. En wat vooral heel erg naar voren kwam in de cursus is dat als je kind je aan het uitdagen is, je vaak reageert vanuit je innerlijke man. Maar dat het beter is om te reageren vanuit je innerlijke vrouw, of het innerlijke jongetje. Want zij werkt volgens het model van de innerlijke familie, waarvan Arienne Klijn de grondlegger is.

Je hebt allemaal een cluster van eigenschappen in je, namelijk het innerlijke meisje, het innerlijke jongetje, de innerlijke vrouw en de innerlijke man. Een kind wordt geboren met een innerlijk meisje en een innerlijk jongetje, en de innerlijke vrouw en man zijn in aanleg aanwezig. Bij een hooggevoelig kind is het innerlijk meisje sterk ontwikkeld (kwaliteiten: open, teder, inlevend, sfeergevoelig, lief, sensitief). En bij een kind wat daarnaast strong willed is, is ook het innerlijk jongetje sterk ontwikkeld (kwaliteiten: ondernemend, enthousiast, creatief, speels, nieuwsgierig). En deze combinatie van intens voelen en een intense wil hebben, kan lastig zijn. Want het jongetje zoekt juist veel prikkels op, maar het meisje kan dat niet altijd aan. En als het teveel wordt voor het innerlijk meisje neemt het innerlijk jongetje het in zo’n situatie over. Maar dan vaak met zijn schaduwkanten zoals opstandig, driftig, ongeduldig, brutaal en/of roekeloos zijn. Dit kan resulteren in een driftbui. Maar hier wordt de harmonie niet beter van, en als de harmonie niet goed is, raakt het innerlijk meisje nog meer gespannen. En hierdoor wordt het innerlijk jongetje nog driftiger en resulteert het in een explosie .Totdat het innerlijk jongetje het opgeeft en er een heel verdrietig innerlijk meisje met schuldgevoel overblijft. Het lastige van deze situatie is dat het innerlijk jongetje bij jou als ouder boosheid oproept en je vaak vanuit je innerlijke man gaat reageren, namelijk door aan te geven dat de grens is bereikt, straf te geven en te gaan schreeuwen. Wat de spanning bij het innerlijk meisje alleen maar verhoogt. Beter werkt het om vanuit je innerlijke vrouw te reageren, die empathisch, rustig en troostend is. En een man heeft ook deze innerlijke vrouw in zich. Dit is niet altijd makkelijk, want een kind kan het bloed onder je nagels vandaan halen. Maar het is belangrijk om je kind uit deze situatie te krijgen en dat lukt niet met straffen en boos worden. Je moet je kind weer rustig zien te krijgen. En hiervoor is het belangrijk dat je zijn gevoel erkent. Door te zien wat er onder zit en dit te benoemen. Bijvoorbeeld dat je ziet dat hij of zij zich niet fijn voelt. Pas na de situatie is je kind instaat om er van te leren en te gaan kijken hoe het de volgende keer anders kan.

En het klinkt makkelijker dan het is. Maar gelukkig bestaat de perfecte ouder toch niet. 

Bron: cursus en boek ‘Het hooggevoelige kind met een sterke wil’ van Janneke van Olphen

26. Vandaag een ‘wonder’

Gister schreef ik naar aanleiding van een stuk van Deepak Chopra over wonderen en vervolgens gebeurt er vandaag zo’n wonder.

Ik ben vandaag in mijn nieuwe praktijk getrokken. Een vriendin vroeg gister nog of het goed voelde. Maar het ging allemaal zo snel dat ik nog niet de tijd had gehad om het echt goed te voelen, behalve dat ik wel voelde dat ik dit moest doen. Dus eigenlijk vond ik het ook wel spannend of ik er wel goed aan had gedaan. Het is in ieder geval een heel gaaf monumentaal pand en mijn kamer heeft een schouw, een oude houten lambrisering en ornamenten. En terwijl ik de kastjes die in de lambrisering zitten aan het schoonmaken ben en kom ik ineens tegen iets van tape aan. Ik kijk wat het is en ik zie iets staan met ‘vinder’ erop. Het pakje zit aan de onderkant van een plank geplakt. Blijkbaar ben ik dat nu, dus maak ik het open.

Er staat op: ‘Beste vinder, wil je er s.v.p. voor zorgen dat dit boekje  goed terecht komt? Dank! En dan de namen en ‘4 jan 2016’ eronder. In het boekje staat geschreven: ‘Dit boekje is gedrukt in een heel kleine oplage. Eén exemplaar doen we cadeau aan het mooie, inspirerende pand dat een ziel heeft. Ergens in het gebouw ligt, goed ingepakt een exemplaar te wachten op degene die het ooit zal vinden, het stof er vanaf zal blazen en zich zal verwonderen. Wij wensen hem of haar veel kijk- en leesplezier toe!’

Wauw! Dit deed iets met me. Ik heb meteen een enorme connectie met het pand. En blijkbaar hebben hier hele inspirerende mensen gezeten van Future Center de Werf. Waarbij bijvoorbeeld in de tuin groente werd verbouwd voor de voedselbank. Wat jammer dat zoiets is gestopt vanwege de financiën. Ik mag nu tijdelijk in dit pand zitten en hopelijk nog heel lang, maar ik hoop dat ze wel iets moois met dit pand gaan doen waarbij de ziel bewaard blijft. Maar ik weet in ieder geval dat ik voor dit moment op een mooie plek ben terechtgekomen met nu al een verhaal.

Ja, en nu eens bedenken wat ik er mee ga doen. Het is in ieder geval een boekje wat bij het pand moet blijven. Eerst eens kijken of ik de personen die het geschreven hebben een berichtje kan sturen.

25. Wonderen gebeuren elke dag

Deepak Chopra begint in zijn boek over synchroniciteit over wonderen te schrijven. Hij schrijft dat als we een vallende ster zien, dit iets heel magisch is omdat we het niet dagelijks zien. Maar er schieten voortdurend sterren door de ruimte, alleen zien we die niet allemaal. En zijn boodschap is dat wonderen iedere dag gebeuren. En je hebt de keus om er aandacht aan te schenken of ze te negeren. Als je gelooft in het bestaan van wonderen, dan kan je leven van het ene op het andere moment worden getransformeerd tot een verrassende ervaring, wonderlijker en opwindender dan je ooit had gedacht.
Deepak Chopra is gefascineerd door het idee dat coïncidentie ons leven mede vormt en richting geeft. Hij schrijft dat we allemaal wel verbazingwekkende of buitengewone gebeurtenissen hebben meegemaakt. Een voorbeeld van hem is dat je bijvoorbeeld bezig bent met het uitruimen van een kast en je vindt een cadeautje dat je hebt gekregen van iemand die je al jaren niet meer hebt gezien. En dan word je een uur later gebeld door die persoon. Zomaar.
Zo hadden wij laatst dat mijn oom een rondleiding door de stad Arnhem zou geven, waarbij we langs de plekjes zouden gaan die in de jeugd van mijn overleden moeder een rol hadden gespeeld. In de week voor de rondleiding kwam ineens het boekje tegen waarbij mijn moeder vragen over haar jeugd voor de kleinkinderen had ingevuld. Niemand wist van het bestaan van het boekje en mijn oom zelf was vergeten dat hij het had. En in al die 6 jaar waarin hij vaker iets op zolder heeft lopen zoeken, kwam hij het uitgerekend nu tegen. En aan haar verhaal heeft hij hele mooie foto’s toegevoegd die hij in zijn archief heeft. En hier heeft hij een bijzondere presentatie over gemaakt. En je kan dit wegschuiven als toeval, maar het is toch veel leuker om dit als een soort van wonder te zien.

Bron: Synchroniciteit van Deepak Chopra, blz 11-12

24. Een eerste uitleg over hoe een familiesysteem werkt

Ik heb al eerder verwezen naar het boek ‘De Fontein’. Hieronder beschrijf ik in het kort hoe een familiesysteem werkt aan de hand van de informatie uit het boek, maar dit staat natuurlijk veel uitgebreider in het boek zelf beschreven. En niet iedereen heeft altijd zin om een heel boek te lezen. Daarnaast komt dit onderwerp in mijn praktijk regelmatig ter sprake. Ik ben zelf ook opgeleid om familieopstellingen te begeleiden en heb ontdekt dat je in een hypnose ook tot mooie inzichten kan komen in het familiesysteem zonder dat je daarvoor veel figuranten nodig hebt. Overigens zou je het ook met playmobilpoppetjes of iets dergelijks inzichtelijk kunnen maken.

Het is allereerst belangrijk dat je op jouw plek in het familiesysteem staat. Iedereen heeft hierin zijn eigen unieke plek, die bepaald wordt door anciënniteit van je systeem van herkomst. Je hebt hierin je eigen plek en dit geldt ook voor de andere familieleden, of ze hun plek nu wel of niet waarmaken in jouw ogen. En als je op jouw plek staat, sta je meer in je kracht. Maar neem je die plek wel in? Door omstandigheden kan het gebeuren dat je die plek niet meer inneemt. In plaats van dat jouw ouders er voor jou zijn, kan het zijn dat de situatie ervoor zorgt dat jij er voor hen bent. Als zij het niet kunnen of willen dragen, kan je dit als kind onbewust gaan dragen. En dan neem je een verantwoordelijkheid op je die niet van jou is, waardoor het jou minder goed zal gaan. Je kan en mag alleen dragen wat van jou is. En de rol die je hebt ingenomen kan je bewust of onbewust meenemen in je verdere leven, zowel in je privé- als werkleven. En als je op deze vlakken vastloopt, zal je op zoek moeten naar de oorsprong van het probleem. En kan het belangrijk zijn dat je weer op de goede plek in het familiesysteem komt te staan.

Je ouders geven jou wie ze zijn en wat ze kunnen geven. Ze geven je al het positieve en negatieve dat voorhanden is. En ouders geven ook door wat ze niet kunnen geven en wat je wellicht zo graag had willen ontvangen. En dit alles geldt ongeacht of je ouders nog leven en of er wel of geen contact is. Als je innerlijk de verbinding verbreekt met bijvoorbeeld je ouders, kan dat systemisch tegen je werken. De kunst is om eerst ja te zeggen waardoor je op je plek blijft staan om vervolgens nee te kunnen zeggen. Dit doe je door los te laten wat niet van jou is en aan te gaan wat wel van jou is.

En belangrijk is het om je te realiseren dat je er zonder je ouders of voorouders niet was geweest. Dus dankzij hun ben jij hier en daarom zijn zij de enige juisten voor jou.

En jouw plek is altijd onder die van je ouders. En het eerste kind dat wordt geboren staat op nummer 1, het tweede kind op nummer 2, etc. En als je niet op je plek staat, ben je meestal een plek omhoog gegaan, bijvoorbeeld ter hoogte van je ouders of nog hoger. Of je staat op de plek van je oudere broer of zus. En als een ouder de neiging heeft om af te dalen, betekent dat meestal dat dan het kind eronder gaat stijgen in plaats van dat de ouder gaat dalen.

En als een ouder de neiging heeft om kind te zijn bij zijn eigen kinderen, komt die ouder vaak iets tekort doordat hij of zij langdurig niet op zijn plek in het familiesysteem heeft gestaan en niet heeft kunnen nemen en ontvangen. En dat tekort ga je onbewust claimen bij je kinderen. En kinderen willen vanuit liefde voor hun ouders niets liever dan dat het hun ouders goed gaat, zelfs als dat ten koste van henzelf gaat. Want het kind denkt dat als het goed voor de ouder zorgt, het tekort voor de ouder wordt opgeheven. En een kind voelt heel goed aan wanneer een ouder behoefte heeft aan aandacht. En een klein kind kan hier geen weerstand tegen bieden (als je volwassen bent, zou dat wel kunnen). Maar een tekort bij een van de ouders of daarboven kan nooit gecompenseerd worden door een kind. Het opheffen van het tekort is alleen mogelijk via het innerlijke proces van de persoon zelf. Alles wat het kind vanuit de grote liefde onbewust geeft, gaat in een bodemloze put van de ouder. En de ouder is onverzadigbaar, want het tekort kan niet via het kind worden aangevuld en ook niet via partners, vrienden of werkgevers. Dus wil een ouder goed voor het kind zorgen, dan moet het ervoor zorgen dat hij of zij goed op zijn plek in de fontein staat, waardoor het kind niet wordt uitgenodigd om van zijn eigen plek weg te gaan naar de plek van de ouders. Want anders zal dit patroon van generatie op generatie worden doorgegeven. Want doordat het kind naar deze plek gaat, komt het zelf iets tekort, wat de kinderen daaronder weer gaan oplossen. En dit patroon herhaalt zich net zo lang tot iemand in staat is om op zijn of haar eigen plek te gaan staan en weerstand te bieden aan de trekkrachten om op te stijgen.

Bron: ‘De Fontein’, Els van Steijn